Sportouders samen met hun kind en de trainer op het veld

Sportouders samen met hun kind en de trainer op het veld

Clubs willen ander gedrag van sportouders zien. Sportouders storen zich aan de club en de coaches. De kinderen lopen risico in hun plezierbeleving, door onvoldoende zelfvertrouwen en hoge verwachtingen van zichzelf en hun omgeving. Flow Mentale Training heeft hier een innovatieve oplossing voor bedacht.

De jury heeft de relevantie van uw subsidieaanvraag voor het programma en de subsidieoproep beoordeeld. Het topteam sport heeft dit oordeel overgenomen. Het eindoordeel over de relevantie van uw subsidieaanvraag luidt: zeer relevant. De jury heeft een eindoordeel over de kwaliteit van uw subsidieaanvraag gegeven. Het eindoordeel over de kwaliteit van uw subsidieaanvraag luidt: goed.
Met het winnen van de Nationale Sportinnovator Prijs kunnen wij dit innovatie-idee ontwikkelen en uitvoeren bij S.B.V. Excelsior, PAC Atletiek en Intime Tennis Academy voor de ouders, trainers en kinderen (9-12 jaar) en testen voor verdere verspreiding bij clubs, bvo’s en talentencentra.

Sport in Perspectief

“Ouders moeten leren sportprestaties in perspectief te zien. Winnen of verliezen is bij jonge sporters echt onbelangrijk. Het gaat om ontwikkelen, stapjes zetten en leren. Deze leerlijn gaat niet in een rechte lijn, steeds leer je wat anders en word je sterker. Je kunt dit niet afmeten aan medaille,” aldus judoka Mark Huizinga.

In de praktijk blijkt het moeilijk om sport in perspectief te blijven zien want:

  • Sport draait om resultaat en levert status op. Er wordt gemeten wie de snelste is, de uitvoering het beste laat zien of het meeste scoort. Heb je een hoger prestatieniveau, kom je op het podium, krijg je een glimmende beker of medaille en wordt er hard voor je geklapt. Bij mindere resultaten krijg je een vaantje of helemaal niets;
  • Er wordt op dit moment stevig gediscussieerd over selectiesystemen, want selecteren op jonge leeftijd kan extra druk veroorzaken.
Ik ben van mening, dat het belangrijker is de kinderen en hun omgeving te leren omgaan met winst en verlies;
  • Elke club heeft zijn eigen beleid en nauwelijks budget een passende oplossing te bieden;
  • Relativeren op basis van de (neutrale) wedstrijdsituatie vinden ouders moeilijk. Veel van de
    problemen bij ouders ontstaan, wanneer zij van een oefensituatie (wat wedstrijden bij jonge kinderen nog zijn), een professionele prestatie maken. Dit gebrek aan kennis en inzicht kan zorgen voor frustratie over beslissingen van een coach of scheidsrechter. Atletiekmoeder die vrijwillig jureert: “Sommige ouders gaan een hele discussie aan over een centimetertje meer of minder bij verspringen.” ;
  • Een belangrijk kenmerk van sporters van de doelgroep 9-12 jaar is prestatiegerichtheid. De emoties die dit oproept bij de kinderen heeft zijn weerslag op de gedachten, gevoelens en het gedrag van de ouders. Wat doe bijvoorbeeld je als je kind met haar racket gaat gooien of zichzelf uitscheldt op de tennisbaan?

Wanneer mijn zoon voor de zoveelste keer uit z’n pan gaat tijdens een potje tafeltennis, vraagt ons  buurmeisje: “Wat vind je belangrijker: Gezellig spelen of ongezellig winnen.” Mijn zoon van tien jaar zegt: “Ongezellig winnen natuurlijk.”

Gedragsverandering gaat pas plaatsvinden wanneer ouders, kinderen en de trainers zich aangesproken voelen en echt de noodzaak zien zelf te veranderen.

Sportouderadviezen werken onvoldoende in de praktijk

Ouders weten de tips echt wel als: ‘Plezier gaat voor presteren’, ‘Geen coaching’, ‘Moedig alle kinderen aan’, ‘Geef zelf het goede voorbeeld’. De praktijk’ blijkt moeilijker in regels te vatten, bijvoorbeeld:

  • Ouders leggen (onbewuste) druk door hun aanwezigheid en/of kleine opmerkingen. Een jonge voetballer zegt: “Mijn vader legt enorme druk op mij.” Ik vroeg: “Wat doet hij dan?” “Mijn vader zegt altijd ‘Doe je best’ en als hij dat zegt dan weet ik dat ik het goed moet doen.”
  • Het geeft rolverwarring, wanneer alleen een ouder mee gaat naar de wedstrijd en geen trainer. Een tennisvader vraagt mij: “Wat mag ik dan wel zeggen?”
  • De leeftijdsgroep 9-12 jaar heeft vaak jonge trainers. Dit kan de balans verstoren. Atletiekvader: “Ik heb met mijn zoon de zevenpas geoefend voor balwerpen. Zijn trainster wil dat niet. Wat weet zo’n meisje van zestien daar nu van? Ze is nog zo jong, wat weet zij van al die onderdelen?”
  • Kinderen van deze leeftijd kunnen ouders verleiden tot het niet naleven van de regels, door voortdurend naar de kant te kijken of verstoord (prestatie)gedrag te laten zien (materiaal gooien, schelden, geen initiatief). Een tennismoeder: “Voor de wedstrijd adviseer ik mijn zoon rustig te blijven en te doen wat de trainer heeft gezegd. Hij weet ook als ik wegloop, dat het niet is omdat ik boos ben, al ben ik dat soms wel.”;
  • Alle ouders willen het beste voor hun eigen kind. Een voorbeeld uit eigen koker: Mijn dochter zat steeds de helft van de wedstrijd aan de kant met korfbal, wat ze onprettig vond. Een aantal teamgenoten speelden altijd de hele wedstrijd. “Dan hadden we net zo goed naar de camping kunnen gaan,” was mijn gedachte. “Het is de D1, denkt de trainer dat hij in de Champions League finale staat of zo…..,” was mijn ongenuanceerde commentaar.

Yvonne van Gennip (schaatsen): De druk kwam vooral bij mijzelf vandaan, omdat ik van mijzelf zoveel moest. Dat is een karaktereigenschap. Elke training was voor mij ook een wedstrijd, want het moest perfect.

Samen op het veld, de baan of de mat

‘Sport in Perspectief’ is een pedagogische methodiek die zorgt voor blijvende gedragsverandering, doordat ouders, sporter en de coach op het veld, de mat of de baan getraind worden tijdens de ‘normale’ fysieke training.

Ouders, sporters en de trainer krijgen de kans zich uit te spreken en worden gelijkwaardige partners.

Kijk en handel in perspectief
De ouders krijgen ‘kijk- of doe in perspectief opdrachten’. Bij een kijk-opdracht observeren de ouders de spelsituatie vanuit ‘inzet en spelbeleving’ en dat doen ze vlak in de buurt van hun kinderen. Bij een doe-opdracht komen ze in actie. Zo moeten ze bijvoorbeeld hun kinderen afleiden. Daarbij zal veel gelachen worden, maar het is ook confronterend. Het effect van aanwezigheid van ouders wordt zichtbaar. De jonge sporters ontdekken hoe vaak ze naar hun ouders aan de kant kijken en mogen aangeven wat helpt en stoort. De coach en de ouders kunnen vragen stellen en elkaar advies geven. Samen maken ze afspraken. 

Klaar voor de start.

Er staat een ambitieus en professioneel team klaar Sport in Perspectief te ontwikkelen (januari t/m augustus 2020) en uit te voeren (september 2020 t/m juni 2021). We gaan dit doen bij SBV Excelsior, PAC Atletiek en Intime Tennis Academy. Er worden mentale trainingen gegeven. Er komt een online-trainingsprogramma met daarin didactische- en pedagogische vaardigheden voor de coach. Een toolkit voor de sportouders met digitale kaarten waarbij het leerdoel visueel wordt samengevat. En er komt een boek waarmee ouders leren oordeelvrij te ‘kijken’, ‘luisteren’, ‘vragen’ en‘handelen’. Met daarin een eerlijk verslag van topsporters, talenten, ouders en coaches.  Dit vernieuwde perspectief zorgt dat de focus meer op ontwikkelen en leren ligt, in plaats van resultaat. 

‘Sport in Perspectief’ draagt bij aan een veilig sportklimaat op de club, waarbij presteren en plezier samen gaan.

Marjan Olyslager (atletiek): “Mijn grootste tip aan sportouders is ‘Blijf in de buurt’. Meeste ouders hebben geen idee. Zij gaan ervan uit dat de trainer het weet. Zorg dat je als ouder genoeg op de hoogte bent en vragen kunt stellen. Wees kritisch: Als een trainer je aan de kant laat, is het geen ‘goede’ trainer. Zorg dat er ruimte is voor jou en maak dat ‘driehoekje’: ouders-sporter-trainer.”

Dankjewel voor jullie trouw en steun: Ferry de Haan en Marco van Lochem (S.B.V. Excelsior), Martijn Belgraver en Madeleine MacDonald (Intime Tennis Academy) , Martin Blok en Paula Siersma (PAC Atletiek), Jan Tromp (Rotterdam Topsport), Angela Verkerk (Dordrecht Topsport), Marita Verkaik (Rotterdam Sportsupport), Brian Godor (Erasmus Universiteit ‘Pedagogische Wetenschappen’),Marcel van der Kuil (BBO), Bram Bakker (Uitgeverij Lucht), Yara Rietdijk (Flatland Visual Thinking), Hans van Nieuwpoort (VerdwaalNiet), Eveline Folkerts (gz- en sportpsycholoog), Hendrik Jan Hoogendoorn (Boer Hendrik), Egbert van den Bergh, Ewout van Kooten (Van Kooten administratie) en het Team van Flow Mentale Training: Lianne den Haan, Hillie Heinsbroek, Robert van Winden (Stichting WIN-WIN en Netwerk Ouders van Sporttalenten), Danny Otto en Tatyana Izelaar.

En mijn gezin: Michel, Juliëtte en Veron.

Sportpsycholoog in trainingspak samen met de coach op het veld.

Sportpsycholoog in trainingspak samen met de coach op het veld.

Flow Mentale Training doet mee voor de Nationale Sportinnovatieprijs 2018, die als thema heeft ‘Mind your fitness”. Het idee van de innovatie is ‘De Leerlijn Mentaal Topsport’.

Deze leerlijn voor talenten van 12 t/m 17 jaar is toegespitst op de mentale aspecten die een rol spelen bij presteren zoals:

  • Omgaan met stress en teleurstelling,
  • mentaal herstel en het behoud van zelfvertrouwen,
  • concentratie en optimale spanning.

Sportpsychologische theorie vanuit het boek GAS en REM in de sport. Mentaal Sterk Coachen, komt terug in fysieke trainingsvormen waarbij de talenten op hun eigen sportplek ervaren wat ‘presteren onder druk’ is. 

De Leerlijn Mentaal Topsport is een mentaal coaching programma voor sporters, dat net als bijvoorbeeld conditietraining een vast onderdeel van de trainingsopbouw is. De inhoud wordt aangepast aan de sport en ontwikkelingsniveau/leeftijd van de talenten.

Concreet betekent dit dat de sportpsycholoog naast de coach staat: op het veld, op de baan of langs het bad. Ze staan letterlijk naast elkaar en vermenigvuldigen zo hun kennis, zodat de talenten in hun eigen trainingstaal- en omgeving hun mentale weerbaarheid trainen. Wanneer ze achttien jaar zijn, is hun lichaam en geest klaar voor topsport op mondiaal niveau. 

Als jonge topsporter sta je onder druk

Stel je wilt profvoetballer worden of de nieuwe Daphne, Kiki, Ranomi, Sven of Epke en je komt in een RTC, BVO of selectieteam. Je gaat vaker trainen en wordt uitgenodigd voor trainingsstages, wedstrijden in het buitenland. Je ouders rijden je overal heen en investeren geld en tijd in je sport. Je gaat naar trainingen op Papendal en doet mee met de selectiedagen voor Jong Oranje. Er zijn ranking-systemen die bepalen of je in het team blijft of afvalt. De verwachtingen zijn vaak hoog. Je moet je diploma halen op school en daarvoor plannen en organiseren. Week in, week uit wordt het uiterste van je gevraagd. De coaches willen inzet zien en dat je ervoor gaat. Je ouders ook. Soms moet je afvallen, gespierder worden, meer bewegen, feller zijn, je vaker laten horen, samenwerken, verder springen. De lijst van eisen is eindeloos. Je moet plezier hebben en vooral je best doen. Sowieso heb jij al een grote drive vanuit jezelf. Van jongs af aan, wil je al winnen met alles en het liefst geen fouten maken. Je wilt je ouders en je coach niet teleurstellen en baalt er zelf ook van als het minder gaat. Falen of mogelijke missers blijven soms door je hoofd spoken.

In topsport verlies je vaker dan je wint, lees ik in een artikel van oud-topsporters Stefan Groothuis, Minke Booij, Peter Blangé en Esther Vergeer. Dat kan een deuk in je zelfvertrouwen geven………. 

Die deuken mogen wij als sportpsychologen repareren. Dat lukt gelukkig vaak. Soms moet ik doorverwijzen naar een collega sportpsycholoog met een klinische achtergrond, omdat de deuk al te diep is. Die deuken zijn in mijn optiek vaak te voorkomen. Wanneer sporters structureel leren hoe zij met ‘de prestatiedruk’ om moeten gaan en zowel de coach als ouders inzicht hebben, welke rol zij hierin spelen.

Sportpsycholoog zichtbaar en benaderbaar
Het aanleren van mentale vaardigheden wordt al breed erkend. Echter de mogelijkheden om hiermee als sportpsycholoog aan de slag te gaan, beperkt zich meestal tot incidentele bezoeken. Met de sportinnovatieprijs hoop ik daar in heel Nederland verandering in te brengen. Wel vanuit de visie van Team NL: De coach staat centraal, want die zorgt voor de vertaalslag op de sportplek. Voor topsporters binnen een High Performance programma van een CTO, BVO of talentenacademie wordt het normaal dat er met regelmaat een sportpsycholoog in trainingskleding aanwezig is, die net als de conditietrainer een vast onderdeel van het begeleidingsteam is.

Het geeft en positief effect op de lange termijn voor de sporters, coaches en ouders. Frustratie en agressie vermindert, focus en vertrouwen groeit. Dit zie je terug in de medaillespiegel. 

De Leerlijn Mentaal Topsport

Iedere maand staat een ander mentaal thema centraal. De coaches en de ouders worden getraind, zodat zij leren hoe zij door hun pedagogisch handelen het prestatiegedrag van het talent positief beïnvloeden. De inhoud van het mentale trainingsprogramma sluit aan op de ontwikkelingsfases van de sporter:

  1.  12-13 jaar Vroege adolescentie (puberteit): Basis. Wie ben ik?
    Trainen omvang en belastbaarheid.
    Factoren die van invloed kunnen zijn:
    – Overgang van basisonderwijs naar de middelbare school;
    – Start van een periode van lichamelijke en hormonale verandering.
    Ontwikkelen: Zelfinzicht.
  2. 14-15 jaar Midden adolescentie: Verdieping. Wat beslis ik?
    Trainen voor hoog niveau.
    Factoren die van invloed kunnen zijn:
    – (Dis)balans school, topsport, hobby’s, vriendschappen;
    – Lichamelijke en hormonale verandering;
    Ontwikkelen: Zelfdiscipline.
  3. 16-17 jaar Adolescentie (voor volwassenheid): Verrijking. Waar wil ik heen?
    Trainen om te presteren.
    Factoren die van invloed kunnen zijn:
    – Schoolexamen;
    – Gedragsverandering c.q volwassen worden.
    Ontwikkelen: Zelfsturing.

Flow Mentale Training Danielle van der Klein-Driesen

Het is een plan dat wat betreft opzet en omvang nooit ingezet is. Wel heb ik zelf (een deel van) de inhoud uitgevoerd bij S.V.B. Excelsior, Intime Tennis Academy en de Karate Bond. Zij bieden de kans om de kwaliteit van de inhoud te verfijnen en te verbeteren. 

Inhoud:

Aan het begin van de maand wordt één keer de mentale training verwerkt in de fysieke training, waarbij de coach en de sportpsycholoog de training samen geven. De coach krijgt een samenvatting met: Het doel, de theorie, de didactische opbouw en oefenvormen. In een kort overleg wordt afgestemd wat de belangrijkste mentale punten zijn van de training en worden ideeën gedeeld om de mentale vaardigheden fysiek inzichtelijk te maken. Dit kan bijvoorbeeld door: resultaatgerichte oefeningen, groepsdruk of samenwerkingsopdrachten. De rest van de maand houdt de coach het mentale thema als rode draad voor zijn eigen trainingen. De talenten krijgen zo de kans de mentale vaardigheden te oefenen en in te slijpen.

De op het eerste gezicht eenvoudige fysieke oefenvormen worden doelmatig ingezet voor het aanleren van mentale vaardigheden. Er is gedurende het seizoen een opbouw met: 

  1. Diagnostiek: Mentale screening;
  2. Interventie: Toepassing mentale vaardigheden;
  3. Evaluatie: Terugkoppeling en bijsturen.

De nationale Sportinnovator Prijs 2018: Mind your fitness

Er zijn negenendertig innovatieve ideeën ingediend. 4 december wordt de uitslag bekend gemaakt.

Het innovatie idee: De Leerlijn Mentaal Topsport word gesteund door:

  • Rotterdam Topsport
  • Dordrecht Topsport
  • Nederlandse Volleybal Bond
  • Regionaal Talenten Centrum Volleybal
  • Karate Bond
  • LOOT-school Thorbecke Voortgezet Onderwijs
  • Stichting Betaald Voetbal Excelsior
  • Intime Tennis Academy
  • Hockeyvereniging Leonidas
  • Geoffrey Berens Coaching

 

Nu de jury van de Nationale Sportinnovator Prijs 2018 nog…..

Beetje Flow op het Sportfilmfestival in Milaan

Beetje Flow op het Sportfilmfestival in Milaan

Vorig jaar werd Flow Mentale Training gevraagd om mee te werken aan de sportfilm Tiffany’s dream van Wendelien Voogd. De film won de juryprijs op het Sportfilm Festival in Rotterdam. Op 15 november draait de film op het FICTS Sportfilmfestival van Milaan. Tiffany’s Droom is als één van vijf films genomineerd voor de Guirlande d’honneur, dé prijs van het festival.

Talenten Trainings Center Zuid Holland

De film gaat over de 14-jarige Tiffany is als eerste van haar manege geselecteerd voor het Talent Training Center Zuid Holland, waar jonge talentvolle springruiters worden klaargestoomd voor de topsport. Het is een film die ontroerd en Rotterdamse humor heeft. De film laat zien hoe belangrijk het systeem is, waarin je opgroeit en de steun die je krijgt vanuit je omgeving.

Je leert als sportpsycholoog, coach of begeleider in de sport, dat je altijd moeite moet doen om ‘de persoon achter de prestaties’ te leren kennen. 

Tiffany woont bij haar opa. De film begint lekker Rotterdams waarbij Tiffany opa uitkaffert voor mongool, omdat hij haar rust verstoord. Een prachtig plaatje van opa die vol liefde voor zijn kleindochter zorgt, maar niet altijd aan de topsport-voorwaarden voldoet.

Mentale Training
Tiffany belandt bij het Talenten Training Centrum in een voor haar totaal nieuwe omgeving. Ik ben sportpsycholoog bij het TTC. In de film geef ik Tiffany en haar teamgenoten mentale training, wat voor haar nieuw is.

Ook ik had mijn oordeel toen ik Tiffany voor het eerst zag. “Wat zit ze er passief bij, heeft ze wel in huis wat een topsporter nodig heeft?”

 

Tiffany moet eigenlijk meer knokken dan alle anderen. In het systeem van resultaat en verwachting die deelname aan zo’n talententeam vereisen. Dat is meer dan foutloos springen alleen. Juist de randvoorwaarden: op tijd komen, aan afspraken houden, gezond eten, materialen in orde, daar staat Tiffany, nog voordat ze gaat rijden al met 1-0 achter.

Club als veilige haven

Stap voor stap zie je Tiffany vooruit gaat. Tegenslag gewend, toont ze zich weerbaar en gaat door. Waarbij ze altijd terug kan vallen in de veilige haven van haar clubtrainer. Van de clubtrainer leren we, hoe belangrijk het is om de taal van je sporter te spreken, zodat je elkaar begrijpt. Daar wordt zij beter van.

Film

Tiffany draait op Cinekid, hét festival voor jeugd- en kinderfilms!
Op 21 oktober wordt de 15-minuten versie vertoond in een programma van KRO-NCRV’s Zapp Echt Gebeurd. In januari 2019 wordt de film ook uitgezonden op KRO-NCRV’s Zapp Echt Gebeurd!
De vertoning op Cinekid is op zondag 21 oktober om 16:30 in de Westergasfabriek, Amsterdam.

En dus op 15 november in Milaan. Wij wensen Wendelien en Tiffany veel succes.

Ruiter en paard in de optimale spanning

Ruiter en paard in de optimale spanning

Hippische sport is mentaal een mooie sport. Zowel ruiter als paard moeten optimale spanning hebben voor een goed resultaat. Die samenwerking is uniek en ingewikkeld, omdat ze beiden een eigen karakter hebben.

RUST

Een ‘heet’ paard (dit is een paardenterm. Ik noem het te veel GAS) kan voor onrust zorgen. Zet daar een felle ruiter op en je hebt gegarandeerd vuurwerk. 

Rust wordt snel vertaald naar ‘uitrusten’ zoals je dit in het dagelijks leven doet. Dat is zeker niet de rust die ik bedoel. Rust daarmee bedoel ik: Je houdt controle over je eigen spanningsniveau. Wanneer je rijdt is jouw hartslag, spierspanning en ademhaling en die van je paard op het ideale niveau. 

Als je paard schrikt door een paraplu, een geluid, een rond vliegend zakje of door hoe jij doet als ruiter, dan gaat de hartslag, spierspanning en ademhaling van je paard omhoog. Jij merkt dit en bij jou gebeurt hetzelfde.

CHIO 2018

OPTIMALE SPANNING

Zorg dat je paard went aan spannende situaties. Je kunt van alles verzinnen. Laat iemand ineens iemand langs lopen. Zwaai met een paraplu. Jij houdt je rust en laat zien, dat je alle vertrouwen in hebt dat het goed gaat. Dit doe je door:

  • Rustig te blijven te ademen en zacht te spreken;
  • Oefen met rustig doorademen terwijl je rijdt.

Bij een wedstrijd kom je in de optimale spanning door:

  • Doe een ademhalingsoefening voor je proef;
  • Nog 1 keer een diepere ademhaling net voor aanvang.

CONCENTRATIE

Voor zowel de spring- als de dressuurruiters is het van belang, dat je als ruiter AAN staat op het moment dat je begint. Jouw aandacht is dan volledig gericht op datgene wat je wilt gaan doen (jouw TAAK). Ga voor jezelf na waar je blik dan op gericht is en wat is de laatste instructie die je jouwzelf en je paard geeft.

Wanneer je let op direct in het juiste ritme starten, dan helpt dit jouw dit gedurende je hele proef. Je kunt ook de lijn nagaan die je wilt rijden.

Afleidingen liggen op de loer:

  • Van buitenaf: lawaai, mensen die langs de kant staan, ouders, andere goede ruiters, een “belangrijke” coach;
  • Van binnenuit: gedachten en gevoelens “Als het maar goed gaat, het moet foutloos.”
Zodra je merkt dat je afgeleid wordt, schakel je weer terug naar je taak

GEDACHTEN

Veel talentvolle ruiters leggen de lat heel hoog. Ze willen geen fouten maken. Het ‘perfect’ willen doen helpt je, want daardoor verbeter je details. Het verstoord je plezier in rijden, wanneer je nooit tevreden bent met het resultaat.

“Je kunt leren jouw gedachten te sturen.”

Wat je denkt dat gaat vanzelf, maar je kunt wel de richting bepalen. Kies voordat je gaat rijden een positieve en taakgerichte gedachte. Dit helpt om de verfijnde instructie richting je paard je eigen te maken. Je kunt dit oefenen tijdens je training.

  • Om in een rechte lijn rechtdoor te rijden, kijk je naar 1 punt waar je naar toe rijdt;
  • Voel bewust hoe je zit op je paard / let op de bewegingen van je beenspieren.
Voor een optimale samenwerking tussen jouw en je paard.
CHIO. Vindt samen met je paard het punt van rust

CHIO. Vindt samen met je paard het punt van rust

Mijn tweede dag op het CHIO. Gisteren was ik uitgenodigd door Rotterdam Topsport. Vandaag ben ik op stap met de talenten van het TTC Hippische Sport.

We krijgen bij de dressuur oortjes in en commentaar van dressuurcoach en voormalig topruiter Barbara Koot.

Hartslag van ruiter en paard

Ik val met mijn neus in de boter, want we starten met een mentale training voor ruiter en paard. Van zowel ruiter als paard wordt de hartslag getoond. De druk wordt opgevoerd, door het paard spannende situaties te laten ervaren, zoals bijvoorbeeld met paraplu’s zwaaien. Wanneer ze langs de paraplu’s lopen, zie je dat de hartslag van paard en ruiter versneld.

Dat voel je als ruiter en dat merk je aan de reacties van je paard. Het is maar net hoe je hiermee omgaat.

Rust

Ben je in staat de hartslag van jou en je paard omlaag te halen, zodat het gevoel van spanning vermindert. Dit doe je bijvoorbeeld rustig te blijven ademen (dit kun je trainen). Daarnaast moet je jouw paard het gevoel geven dat je zelf comfortabel bent met de situatie.

Je paard doet dan een positieve ervaring op en weet de volgende keer als zo’n situatie komt ‘het is in orde’. Je houdt controle.

Speel met spanning

Als je kunt spelen met spanning heb je daar bij je proef veel profijt van. Je weet dan hoe je jouw paard scherp krijgt. Je ziet het terug in jouw eigen houding. Zit je rechtop, hoe zijn je schouders, je core en je benen, zien die er ontspannen uit? Maar ook hoe groot of klein zijn de hulpen (instructies) die je aan je paard geeft.

Wanneer je als ruiter ‘te gespannen’ bent, merkt je paard dit en zal hij onrustig reageren. Het cirkeltje is rond wanneer jij daar weer stress van krijgt.

Wanneer je rust en vertrouwen uitstraalt houd jij zelf de controle.

Als je samen met je paard het punt van rust weet te vinden, krijg je makkelijker: ritme, regelmaat, vloeiende overgangen, losheid en het correcte aantal stappen. “Daar wordt de jury blij van,” aldus Barbera in mijn oor.

 

Winnaar SportFilm Award is Tiffany’s Droom

Winnaar SportFilm Award is Tiffany’s Droom

De 14-jarige Tiffany springruiter is als eerste van haar manege geselecteerd voor het Talent Training Center Zuid Holland, waar jonge talentvolle ruiters worden klaargestoomd voor de topsport.

Tiffany komt in een voor haar volkomen nieuwe omgeving. Zo krijgt ze voor het eerst van haar leven mentale training van een sportpsycholoog (Daniëlle).

Tiffany moet nog meer knokken, dan alle anderen. In het systeem van resultaat en verwachting, binnen een omgeving die totaal anders is dan zij gewend is.

Topsportomgeving

Tiffany woont bij haar opa. De film begint lekker Rotterdams waarbij Tiffany opa uitkaffert voor mongool, omdat hij haar rust verstoord. Hij had ’s nachts naar boksen zitten kijken en het geluid had haar wakker gehouden. Een prachtig plaatje van opa die vol liefde voor zijn kleindochter zorgt, maar niet altijd aan de topsport-voorwaarden voldoet.

Topsporthouding

Tiffany is voor het eerst geselecteerd bij het Talenten Training Centrum waarbij zij in een voor haar totaal nieuwe omgeving beland. Ik ben daar sportpsycholoog.

In de film geef ik Tiffany en haar teamgenoten mentale training. Ook ik had mijn oordeel toen ik Tiffany voor het eerst zag. “Wat zit ze er passief bij, heeft ze wel in huis wat een topsporter nodig heeft?” Door de film werd mij duidelijk, hoe zij nog meer moet knokken dan alle anderen. In het systeem van resultaat en verwachting die deelname aan zo’n talententeam vereisen. Dat is meer dan foutloos springen alleen.

Juist de randvoorwaarden: op tijd komen, aan afspraken houden, gezond eten, materialen in orde, daar staat Tiffany, nog voordat ze gaat rijden al met 1-0 achter.

De clubtrainer als veilige haven

Stap voor stap zie je Tiffany vooruit gegaan. Tegenslag gewend, toont ze zich weerbaar en gaat door. Waarbij ze altijd terug kan vallen in de veilige haven van haar clubtrainer. Van hem leren we, hoe belangrijk het is om de taal van je sporter te spreken, zodat je elkaar begrijpt. Daar wordt een sporter beter van.

Spreek de taal van je sporter, daar wordt je sporter beter van.

 

Fragmenten uit de film

Tiffany’s Droom: Winnaar van de SportFilm Award op het Rotterdams Sportfilmfestival wordt binnenkort vertoond op het SportFilmFestival in Milaan. De film is gemaakt door Wendolien Voogd.