Penalty is trainbaar

“De meest voorspelbare situatie bij voetbal is de penalty. Immers de bal ligt op de stip. Er is een doel met een mannetje in het midden, die al dan niet springt met zijn armen in de lucht.” 

Rusland-Kroatië

Voorspelbaar… eh…Wanneer de eerste speler van Rusland de penalty wil nemen, is er geen bal. De speler moet wachten. Daar ontstaat ruimte voor twijfel-gedachten. Bij een training had hij normaal gesproken op de bal gewacht en de bal erin geschoten. Op een Wereld Kampioenschap met een bak publiek is dat anders. De druk om ‘te moeten scoren’ en ‘niet mogen missen’ is enorm en dan doen lichaam en geest rare dingen met je. Dit zag je terug in de uitvoering van de Russen: te zacht, naast het doel. Wat een prutsers zou je denken als je niet beter wist.

“Zonde is mijn gedachte, want ‘onder druk presteren’ kun je leren.”

Lichaam en geest op hol
Rafael van der Vaart zei bij de NOS: “Een strafschop nemen, voelt altijd kut. Je voelt de zenuwen in je lijf toenemen.” Van der Vaart slaat de spijker op z’n kop. Wanneer je als voetballer naar de penaltystip loopt gebeurt er veel in je lichaam. Je hartslag gaat omhoog, je krijgt zweethanden en je spierspanning neemt toe. Een gezonde reactie waarbij je lichaam zich klaar maakt voor een mogelijke ‘dreigende’ situatie. Je lichaam maakt geen onderscheid tussen een strafschop of een brandend huis . Er dreigt gevaar. Hierdoor draait je brein op volle toeren, waarbij alles wat mogelijk mis kan gaan de revue passeert.

Afleiding
De grootste storende factor is de verandering in aandacht. Oftewel de speler is niet meer taakgericht en bezig met de uitvoering (Hoe krijg ik die bal erin?). De aandacht richt zich vooral op resultaat en gevolgen van een eventuele misser. Die verstoring van aandacht en de toegenomen spierspanning zorgen voor prestatieverslechtering. Van die ballen waarbij je denkt: “Hoe kan dit?”.

HOE TRAIN JE DE PENALTY?

Fysiek
Allereerste oefenen de spelers de routine van het nemen van een penalty.  Deze moet net als fietsen, volledig automatisch gaan. Als denkbeeldig hulpmiddel kun je bijvoorbeeld het doel in zes vakken verdelen, waarbij je ‘hard’ op 1 (linker bovenhoek)  2 (rechter bovenhoek), 3 (linksonder) of 4 (rechtsonder) schiet. 5 en 6 is in het midden, daar wil je geen bal hebben. Al word je midden in de nacht je bed uitgehaald die bal schiet je raak. 

Aandacht en optimale spanning onder druk
Uiteraard kun je in een training geen WK finale nabootsen. Toch kun je in trainingssituaties de druk opvoeren, door ‘groepsdruk’ en ‘resultaat’ opdrachten te geven. De voetballers merken dan hoe zij reageren met spanning. De spelers trainen minimaal twee mentale vaardigheden. Dat zijn: aandacht en optimale spanning.

  1. Aandacht: Voor een optimale prestatie is ‘gerichte aandacht op de taak’ nodig. Als speler ben je dan alleen bezig met informatie die ertoe doet. Dat is:
  • Keepersinformatie gebruiken voor de keuze van de hoek;
  • De bal en hoe je deze speelt.

Laat je spelers het verschil ervaren wanneer zij taakgericht of afgeleid zijn. Waar kijken ze naar, waar denken ze aan, wat doet dit met het prestatieniveau? 

  2. Optimale spanning: Door je ademhaling te trainen, houd je bij spannende momenten de fysieke reacties van je lichaam onder controle. Je kunt dan door een paar keer diep in en uit te ademen je hartslag en spierspanning naar beneden krijgen.

Voel het verschil tussen een baltrap met gespannen spieren en ontspannen spieren. Wat doet dit met het prestatieniveau? 

Het nemen van een penalty is geen loterij. Train je spelers, zodat ze voorbereid zijn, op het gevoel van spanning die presteren onder druk oplevert.
De echte tranen van Neymar

De echte tranen van Neymar

Bij voetbal zijn we net als bij het Songfestival voor de buren. Het knokken van de Belgen en hun tactische lef leverde een prachtige wedstrijd op.

Stiekem was ik voor de Brazilianen. Hoe zij als een mierenleger zich door de kleinste ruimtes weten te wurmen vind ik bijzonder fraai om te zien. Daarbij heeft deze ploeg een hoog drama-gehalte wat mentaal interessant is. 

Het eerste doelpunt

Zo’n eerste doelpunt in de dertiende minuut is heel bepalend voor de wedstrijd. “Als je als ploeg vroeg in de eerste helft 1-0 achterkomt, dan krijgen zij vleugels,” hoorde ik Arjen Robben ooit zeggen. Dat zag je nu ook. Na het tegendoelpunt ontstaat onrust bij Brazilië. Ballen die normaal lekker gaan lukken niet. De dominantie die zij de startende twaalf minuten toonden is weg. ‘Paniek’, noemt de verslaggever van de NOS het. Op zich verklaarbaar, want deze ploeg incasseerde in de kwalificatiewedstrijden nauwelijks doelpunten.

Taakgericht voetballen
Wel onnodig, want op dit niveau moet je de gehele wedstrijd taakgericht kunnen spelen. Oftewel je gaat door en bent als spelers alleen bezig met de bal en de spelsituatie van dat moment. Dan wordt het prestatiegedrag van je  team niet verstoord door zo’n tegenslag. 

Geluk of pech
Uiteraard is er altijd een kleine portie ‘beetje geluk’ en een ‘beetje pech’. Geluk (de Belgen) dat een bal net niet via de keeper naar een Braziliaanse speler gaat. Pech dat je een penalty niet krijgt (de Brazilianen), die je misschien wel verdiend had. Het gaat er uiteindelijk om, dat je voetballend de wedstrijd wint. De Braziliaanse coach weet dit zijn spelers duidelijk te maken, want zij herpakken zich na rust. Ze maken tempo en weten de Belgen onder druk te zetten.

Neymar

Neymar kan nu de tijd dringt, snel opstaan en doorspelen. Misschien beseft hij : “Ik wil door als ‘de grootste voetballer’ en niet als ‘de grootste jankerd’.” Neymar had ik de finale gegund, omdat hij veel meer moois had kunnen laten zien. De uitblinkende doelman Courtois houdt in blessuretijd Neymars laatste aanval op dit WK tegen. 

Nu zijn er echte tranen bij Neymar en zijn ploeg. 
Voetbalouder, je zal het maar zijn

Voetbalouder, je zal het maar zijn

Samen met je zoon rijd je terug naar huis. Hij heeft verloren en speelde onder zijn niveau. Het blijft stil in de auto, want je weet dat je beter kunt zwijgen. Je zoon zegt: “Ok, vertel het maar………. .”

Ook als je niets zegt weet hij allang wat je ervan vindt. “Ik weet dat je beter kan”, zeg jij…

Het is een voorbeeld, die ik kreeg bij de mentale training voor ouders bij Excelsior. Je voetballende kind ondersteunen is in de praktijk best lastig. Wat zeg je wel, wat kun je beter laten? We komen tot de conclusie, dat de trainer de coaching doet. Maar waar gaat het dan wel over: thuis, in de auto en langs lijn? En welke mentale vaardigheden kan de speler bij de club trainen, zodat hij mentaal sterker in zijn voetbalschoenen staat en je als ouders niet alle frustratie over heen krijgt. Dat is waar deze avond over gaat:

  • ‘De mentale leerlijn’ voor de spelers van <12, <13, <14 jaar. Met de GAS en REM-methode;
  • Pedagogisch sterk coachen. Stimulerend oudergedrag.

GAS en REM-methode

Wanneer sporters naar de middelbare school gaan veranderd er veel. De omgeving wordt anders, meer eisen door toetsen en verplichte opdrachten, meer sociale druk. Ook in de sport gaat de druk omhoog. Waar je eerst de beste van cluppie was, moet jij je nu bewijzen tussen andere spelers die misschien nog wel veel beter zijn. Je speelruimte wordt groter. Van regionaal, ga je naar nationaal en internationaal. Wanneer je in het team wil blijven, wordt er bij een BVO fysiek, technisch, tactisch en mentaal veel van je verwacht. Ondertussen schieten de hormonen door je lijf en er gebeurd van alles in jouw brein, want je bent in de puberteit. Dit zorgt voor onrust, soms boos gedrag en voor extra onzekerheid (“Doe ik het wel goed genoeg?”).

Het puberbrein

  • Bij pubers lijkt het rationele brein (REM), de voorkant van je hersenen, minder goed te werken. Dat komt doordat je hersenen zich van achter naar voor ontwikkelen en je REM dus als laatste aan de beurt is. Je REM zorgt ervoor dat je weloverwogen keuzes maakt, consequenties van je beslissingen overziet en kan plannen en organiseren. Als jij je als ouder afvraagt waarom je nog steeds met een bidon of voetbalschoenen achter zijn veertienjarige gat moet zitten, dan is dat dus verklaarbaar.
  • Bij sommige pubers (bijv perfectionisten) maakt de REM juist overuren, waarbij ze veel piekeren en twijfelen. De lat ligt heel hoog.

  • Het emotionele brein (GAS) kan overgevoelig reageren doordat de
    REM minder goed werkt. Als je een beetje fel in elkaar steekt zorgt
    dat ervoor dat je overgevoelig wordt voor commentaar van je
    coach, de scheidsrechter uitscheld, veel te hard de
    actie ingaat of thuis tegen je ouders te keer gaat.

Wanneer je GAS en REM in balans is, ben je op je best. Je speelt met lef en eist de bal op, maar handelt ook strategisch slim, waarbij je vanuit de spelsituatie de beste actie kiest. Dit is trainbaar individueel en op teamniveau.

Mentale leerlijn voor voetballers

Dat we de teams <12, <13 en <14 jaar bij Excelsior mentaal willen trainen is omdat de spelers juist in deze periode makkelijker nieuwe vaardigheden leren, omdat het brein nog zo ontwikkeling is. Wil je dat later als profspeler nog doen, dan zal dit veel meer moeite kosten.

De mentale leerlijn voor voetballers biedt per leeftijdsgroep verschillende mentale thema’s aan. Hierbij wordt sportpsychologische theorie verwerkt in de fysieke training op het voetbalveld. De spelers gaan aan de slag met de mentale vaardigheden: zelfvertrouwen, doelen stellen, aandacht en concentratie, gedachte- en emotiecontrole, optimale spanning, visualiseren, mentaal plan, communicatie en teamspirit. Samen met de trainers bieden we werkvormen aan waarbij we de druk op het veld sociaal of emotioneel opvoeren. We gaan na: Hoe presteer jij onder druk? Wat doet dit met jouw concentratie? Hoe speel jij op je best en hoe haal je als team alles uit de wedstrijd?

Doel is dat de spelers mentale vaardigheden leren toepassen bij trainingen en wedstrijden. Wanneer ze deze vaardigheden vaker aangeboden krijgen, trainen ze zowel hun emotionele- als rationele brein, zodat ze hier zelf meer invloed op hebben. Ze kunnen dan bijvoorbeeld: coaching van de trainer omzetten in handelen, herpakken na een fout, rustig blijven bij de beslissende momenten en taakgericht spelen ongeacht de belangrijkheid van de wedstrijd.

Pedagogisch sterk coachen

Bij voetbalouders gaat het vaak over ouders die zich misdragen langs de lijn. Ik vind dat jammer. Ik zie dat ouders heel veel tijd en energie in hun voetballende kind steken, helemaal wanneer ze worden toegelaten tot een BVO. Brengen, halen, wachten, meetings bijwonen en uren kijken langs de lijn, ga er maar aan staan. Daarnaast werk je hard, want wanneer je kinderen op hoog niveau sporten lopen de kosten op. Je hebt het er voor over. Zolang je kind maar gelukkig is en plezier heeft. Alleen dat plezier is op die leeftijd vaak gekoppeld aan resultaat.

Vandaag namen we het oudergedrag onder de loep en deelden we ervaringen. Goede ouders twijfelen is mijn mening. Dat wil zeggen dat je fouten maakt, maar dat je steeds weer nagaat hoe je het beter kan doen.

In gesprek met je kind
We spraken over ‘Hang jezelf op’. Waarbij je op een gegeven moment klem komt te zitten in wat je allemaal zegt tegen je kind voor of na de wedstrijd:

“Waarom blijf je niet gewoon rustig, je hebt er toch niks aan als je boos wordt;”
“Jullie hadden best kunnen winnen, had je niet…..;”
“Wat als je……had gedaan?;”

 

Vraag jezelf steeds weer af welk effect alles wat je zegt heeft. Je kinderen zeggen het ook letterlijk tegen je. Bespreek het samen op een rustig moment. Ga na wat je kind prettig vindt, maar geef ook jouw grens aan, want het is ook jouw tijd.

Juichen op Facebook
‘Oordeelvrij’ kijken en neutraal commentaar leveren moet je leren, uit ervaring weet ik dat dit lastig is. Dit doe je door:

  • Het stellen van open vragen als: “Heb je een prettige wedstrijd gehad?” “Hoe vond je het?” Of gewoon “Veel plezier vooraf”, “Hard gewerkt/lekker gedaan/jammer” achteraf;
    Accepteer zelf verlies;
  • Maak winst niet te groot, door bijvoorbeeld dit luid op Facebook en de groepsapp te vieren, want wat doe je dan na een mindere wedstrijd?
  • Laat je kind even met rust na afloop, zodat hij zelf zijn emoties kan verwerken;
  • Houd je gedachten over de scheidsrechter of het wel of niet opstellen door de trainer voor jezelf. Het delen met je kind levert alleen maar afleiding en stress op;
  • Wanneer je weet dat jouw kind snel piekert (te veel REM) wees kort en positief voor de wedstrijd zonder inhoudelijke tips, want je zet alleen maar aan tot meer twijfel;
  • Straal zelf rust uit, wanneer je kind snel te veel GAS geeft;
  • Maak van spanning iets positief maakt. Dit betekent dat je lichaam zich gereed maakt om te presteren.
Rijdt, voedt, betaal, zorg voor voldoende rust en veiligheid, geef een schouderklopje bij winst en verlies. Dat je er bent voor je kind is het allerbelangrijkste. Ze waarderen je, al zullen ze dat zeker niet altijd laten merken. Zo ben je samen een sterk team!

Het Boek GAS en REM in de sport

In het boek GAS en REM in de sport. Mentaal sterk coachen, lees je ervaringen en tips van topsporters, talenten, coaches, scheidsrechters en ouders. Met vanuit Excelsior Marinus Barendregt en Marinus Dijkhuizen.

De mentale training voor de jeugd van Excelsior start volgend seizoen, wanneer de voetbaltraining naar de middag gaat.

 

Waarom scheidsrechters verschillend fluiten

Waarom scheidsrechters verschillend fluiten

Bas Nijhuis ziet wel eens een overtreding bewust door de vingers lees ik in het AD. Bestaat dat, een manier van fluiten, oftewel ‘de Nijhuis-stijl’?

In mijn boek ‘GAS en REM in de sport’ lees je dat je inderdaad stijlen hebt in het fluiten. Ik sprak onder andere met Kevin Blom over het verschil tussen hem en Bas Nijhuis.

De persoonlijkheid van de scheidsrechter zie je op het veld terug

Zo vertelde Blom:

“Ik ben een controlefreak. Ik wil consequent zijn en alles netjes hebben.”

Je ziet dit gedrag terug na de wedstrijd. “Als ik thuis ben op zondag, dan zorg ik dat mijn schoenen in het vet worden gezet, ze zijn helemaal schoon en droog. Kleren liggen klaar. Dat ligt allemaal recht.”

Ook tijdens de wedstrijd is controle belangrijk voor hem: “In de geest van de wedstrijd fluiten, ik heb geen idee wat ze ermee bedoelen. In elke wedstrijd moet je de regels hanteren,” zegt Kevin Blom.

“Mijn collega Bas Nijhuis gooit zijn schoenen met aarde en al in zijn tas. Dat zou ik nooit doen.”

Je ziet verschil in karakter terug op het veld. “Bas fluit anders, waarbij hij meer intuïtief handelt, op gevoel. Laat het maar gebeuren en daarop reageert hij,” aldus Blom. Zelf is hij preventiever, eerder ‘jongens, niet doen’.

Een scheidsrechter doet meer dan alleen de regels toepassen

Scheidsrechters zijn geen computers. Zij nemen hun persoonlijke eigenschappen mee het veld op. Dat zie je terug in hun acties. Blom zegt hierover: “Soms ben je te strikt in het toepassen van de regels, ‘hier sta ik voor’, dan zit je daaraan vast. Met het terugkijken van de beelden van de wedstrijd dacht ik dan weleens: joh, had lekker die hoekschop gegeven.”

De Nijhuis-Blom-stijl. Gevoel en ratio je hebt het als scheids allebei nodig.

Het Boek GAS en REM in de sport

Wil je meer weten, lees dan hoofdstuk 15 in het boek GAS en REM in de sport: De scheidsrechter beslist. Neutraal en tactvol opereren. 

Met ervaringen en tips van KNVB betaald voetbal scheidsrechters Kevin Blom, Laurens Gerrets en assistent Nicky Siebert. Hier krijg je meer begrip voor de taak en de uitvoering van de scheidsrechters.

Knokkende leeuwinnen

Het Nederlandse damesteam speelt vanavond tegen Zweden. Ze zijn door naar de volgende ronde met het maximale aantal punten. Winst helpt om de onderlinge band tussen de spelers te versterken.

Dat hoor je ook terug in de uitspraken na afloop van de wedstrijd.

 “We deden het met z’n allen en ik ben trots op dit team.”

– Lieke Martens

Nederlands Dames Voetbalteam

De stukken waarin het minder goed gaat doen ze uiteraard ook met z’n allen. Een tegendoelpunt kan de concentratie van het team verstoren, dat zag je toen ze tegen de Belgen speelden. Hun speelniveau ging als een wipwap van boven naar beneden en gelukkig weer terug.

Teamspirit

Dat is het goede van deze ploeg. Zij krijgen het niveau weer omhoog, door te knokken voor de bal, in plaats van te lang in de frustratie te blijven hangen. Bijvoorbeeld keepster Sari van Veenendaal die eerder boos is over de gemiste bal, houdt ‘m daarna weer tegen. Doordat het team voor de bal gaat, lukt het Martens om te scoren. Martens gaat volle bak en zonder twijfel richting het doel om te scoren, wat de kans op raak schieten vergroot.

Ook Miedema heeft tot taak om doelpunten te maken. De druk is hoog, doordat er hoge verwachtingen onder andere in de media vooraf zijn uitgesproken. Ga het maar eens doen. Zeker wanneer je bewegingsvrijheid met regelmaat wordt ontnomen, door het vastpakken en trekken van de tegenstandsters. De tegenstanders hebben immers ook de boodschap gekregen dat Miedema gevaarlijk is. Het goede is, dat dit weer wel weer meer vrijheid geeft voor andere speelster om te scoren.

Advies aan het team

Miedema baalde zichtbaar, omdat haar eigen spel nog niet aan haar verwachtingen voldoet. Ze klapte voor de winst tegen de Belgen, maar ondertussen draaide haar brein op volle toeren.

Mijn advies voor Miedema is:

“Ga na hoe je meer bewegingsvrijheid in je spel kan krijgen. Wat kan jezelf doen en hoe kunnen je teamgenoten ondersteunen? Wanneer je aandacht gaat naar de bal en de positie van de tegenstanders, zal je eerder de ruimte zien.”

Voor het hele team geldt:

“Ga ervanuit dat je de Zweden kunt verslaan. Blijf taakgericht, waarbij je de bal opeist en zoekt naar oplossingen. GAS erop! Knokkende leeuwinnen zijn onverslaanbaar!”